Sunni.nl

  • Full Screen
  • Wide Screen
  • Narrow Screen
  • Increase font size
  • Default font size
  • Decrease font size

Nieuwsflash

9:122. Het past de gelovigen niet allen tezamen uit te rukken. Van iedere groep van hen zou een aantal moeten uitrukken om begrip van de godsdienst te krijgen en om hun mensen te waarschuwen wanneer zij naar hen terugkeren; hopelijk zullen zij op hun hoede zijn.

 

Orgaandonatie en Transplantatie

E-mail Print

Orgaandonatie en Transplantatie
Mufti Muhammad ibn Adam al-Kawthari

Vraag:

Is orgaandonatie toegestaan?

Antwoord:

In de naam van Allah, de Meest Genadevolle, de Meest Barmhartige

Het vraagstuk met betrekking tot orgaantransplantatie is een grote discussie onder de grote, hedendaagse geleerden over de hele wereld. Het is bediscussieerd in diverse fiqh-seminars, en vele beknopte en gedetailleerde werken zijn er over het onderwerp samengesteld.

De meerderheid van de Indo-Pak geleerden zijn van het standpunt dat orgaantransplantatie niet is toegestaan, terwijl de Arabische geleerden en enkele geleerden van het Indiase subcontinent het toestonden onder bepaalde voorwaarden (details van deze voorwaarden zullen later worden vermeld). Niemand heeft een algemene, onvoorwaardelijke toestemming gegeven voor de transplantatie van organen.

Er moet aangegeven worden dat deze kwestie iets van deze tijd is, en het is duidelijk onmogelijk voor ons om uitdrukkelijke regels te vinden in de klassieke werken hierover. De standpunten van de hedendaagse geleerden zijn gebaseerd op de algemene en directe richtlijnen van de Shari’a. Het is voor de hand liggend dat dit zal resulteren in meningsverschillen, en dus zou geen enkele mening moeten worden veroordeeld, aangezien de intentie van alle geleerden het tevreden stellen van Allah is, en het leiden van een leven in overeenstemming met de Shari’a.

1) Het standpunt van ontoelaatbaarheid

Zoals eerder vermeld hangen de meerderheid van de Indo/Pak geleerden het standpunt aan dat orgaantransplantatie niet als toegestaan beschouwd kan worden, vanwege de schadelijke en nadelige gevolgen die de mogelijke voordelen overstijgen. Hun standpunt is gebaseerd op de volgende gronden:

a) Het eerste en belangrijkste is dat Allah de Almachtige de mens heeft geëerd. Allah de Meest Verhevene zegt: “En voorzeker, Wij hebben de kinderen van Adam geëerd.” (Surat al-Isra’ 17:70)

Het is dus een sterk bewezen beginsel van de Shari’a dat alle organen van het menselijk lichaam, of iemand nou een moslim of niet-moslim is, heilig zijn waar niet aangezeten moet worden. Om voordeel uit welk deel van het lichaam dan ook te halen, is verboden (haram).

Allah de Almachtige maakte de mensen de beste van de scheppingen, en schiep alles ter voordeel voor hen. Allah de meest Verhevene zegt:“Hij is het die voor jullie al hetgeen wat er op de aarde is, geschapen heeft.” (Surat al-Baqara 2:29)

Het is dus toegestaan voor een mens om voordeel te halen uit elke schepping van Allah, inclusief dieren (onder bepaalde voorwaarden), planten en levenloze dingen. Het zou dus onredelijk zijn om mensen in dezelfde categorie van de bovenstaande zaken te plaatsen, door het geven van toestemming om delen te gebruiken en voordeel uit hun lichaam te halen dat snijden, hakken en het amputeren van delen van het lichaam vereist. Dit is zeker onredelijk en verboden op een menselijk lichaam.

Een zeer bekende Hadith belet het gebruik van menselijke delen. Sayyida Asma bint Abī Bakr (moge Allah met haar tevreden zijn) levert over dat de Boodschapper van Allah (Allah zegene hem en geve hem vrede) zei: “De vloek van Allah rust op een vrouw die vals haar (van mensen) gebruikt of het opstelt voor anderen.” (Sahīh Muslim, nr 2122)

Imam Nawawī (moge Allah met hem genadig zijn) schrijft in de uitleg van deze Hadith:“Als menselijk haar gebruikt wordt, dan is het verboden met consensus, of het nou het haar van een man is of een vrouw, vanwege de algemene overleveringen die dit verboden stellen. En het is ook verboden om voordeel uit het haar te halen en alle andere organen van het menselijk lichaam, vanwege de heiligheid ervan. Het haar van een mens samen met al zijn lichaamsdelen moeten begraven worden.” (Commentaar van Sahīh Muslim door Nawawī, p. 1/600)

De juristen (fuqahā’) hebben verklaard dat in geval van extreme noodzakelijkheid, en wanneer er geen alternatief bestaat, zelfs verboden zaken, zoals varken en alcohol toegestaan worden. In een dergelijk situatie echter, is het eten of het halen van voordeel uit een menselijk lichaam nog steeds verboden.Het is vermeld in al-Fatāwā al-Hindiyya:“Als een persoon de dood vreesde vanwege honger en een andere persoon zei tegen hem: ‘Hak mijn hand af en consumeer het’ of hij zei ‘Snijd een deel van mij en eet het,’ dan zal dit verboden zijn voor hem om dat te doen. Op dezelfde manier is het verboden voor een wanhopige persoon om een deel van zichzelf te snijden en het te eten.” (al-Fatawa al-Hindiyya, 5/310).

Allāma Ibn Abidīn (moge Allah genadig met hem zijn) legt uit:“Omdat het vlees van een mens verboden blijft, zelfs in sterke en onweerstaanbare omstandigheden.” (Radd al-Muhtār, 5/215)Imam Ibn Nujaym (moge Allah genadig met hem zijn) vermeldt:“Het is verboden voor degene die aan het sterven is door honger, om het vlees van een andere persoon te consumeren, die ook aan het sterven is door honger; noch zal het toegestaan zijn om welk deel van het lichaam dan ook van de andere persoon te consumeren.” (al-Ashbah wa al-Naza’ir)

De Fuqaha hebben ook verklaard dat als iemand gedwongen werd met geweld om een ander mens te doden, het niet toegestaan zal zijn, al was zijn eigen leven in gevaar. (Zie: al-Kasani, Bada’i al-Sana’i 7/177, Ibn Qudāma al-Mughnī, 9/331)

Imam al-Marghinanī (moge Allah met hem genadig zijn) verklaart met betrekking tot de heiligheid van een mens:“Het is verboden om het haar van een lichaam te verkopen, zoals het (verboden) is om er voordeel uit te halen, omdat een mens geëerd en heilig is, en het is niet toegestaan om welk deel van het menselijk lichaam dan ook te onteren.” (al-Hidaya 4/39)

Een menselijk lichaam is heilig zelfs na haar/zijn dood. De Boodschapper van Allah (Allah zegene hem en geve hem vrede) zei:“Het breken van een bot van een dode persoon is hetzelfde (qua zonde) als het breken van een bot van een levende persoon.” (Sunan Abū Dawud, Sunan Ibn Māja en Musnad Ahmad)

De grote Hanafi jurist en Imam van Hadith, Abu Ja‘far al-Tahawī (moge Allah met hem genadig zijn) schrijft in de uitleg van deze Hadith:“De Hadith geeft aan dat het bot van een dode persoon dezelfde heiligheid en eer heeft zoals het bot van een levende persoon.” (Mushkil al-Athar)

In een andere Hadith is er vermeld:“Het pijn doen van een gelovige na zijn dood is hetzelfde als hem pijn doen in dit leven.” (Musannaf van Ibn Abi Shayba)

De boeken van de klassieke geleerden staan vol met voorbeelden die het verbod van het voordeel halen uit een menselijk lichaam aangeven, omdat het geëerd is.Samenvattend kent het menselijk lichaam, dood of in leven, een groot belang. Het is geëerd en heilig, en vanwege de heiligheid ervan die eraan verbonden is, zal het verboden zijn om er aan te komen, er delen van te snijden en het te onteren op welke manier dan ook.

b) Het snijden en knoeien met een menselijk lichaam komt neer op verminking en misvorming (muthla) van een aan God gewijd lichaam, dat duidelijk verboden is in de Shar’ia.Qatada (moge Allah met hem tevreden zijn) levert over dat de Boodschapper van Allah (Allah zegene hem en geve hem vrede) het geven in liefdadigheid zou aanbevelen en Muthla zou verhinderen. (Sahih al-Bukhari, 2/206)

In een andere Hadith, zei de Boodschapper van Allah (Allah zegene hem en geve hem vrede): “Onthoud je van Muthla.” (Sahih Muslim 2/82)

Dit wordt ook ondersteund door het vers van de Qur’an, waarin Allah de Almachtige de woorden van de duivel (shaytan) vermeldt, toen hij zei: “Ik zal hen doen dwalen en ik zal hun begeerten opwekken en ik zal hun bevelen de oren van hun vee te snijden, ik zal hun bevelen de schepping van Allah te veranderen.” (Surat an-Nisa’ 4:119)

Om het mooie, natuurlijke geschapene door Allah te beschadigen, zowel fysiek als spiritueel, is hetgeen waar de Shaytan van houdt en beveelt om te praktiseren.Wat betreft de toelaatbaarheid van bloedtransfusie in gevallen van noodzaak, dan vereist het niet het snijden van menselijke delen of enige chirurgische procedures op het lichaam. Het wordt eerder vertrokken en getransfuseerd door middel van injectie, en het staat dus gelijk aan menselijk melk dat vertrokken wordt zonder enige chirurgische procedures.

c) Het menselijk lichaam en delen ervan bevinden zich niet in ons eigendom opdat we er mee mogen spelen zoals wij wensen. Het is een vertrouwen (amana) dat gegeven is aan ons door Allah de Almachtige. Het zou dus niet toegestaan zijn voor iemand om welke organen van zijn lichaam dan ook te verkopen, schenken of te doneren. De Islam heeft voor dezelfde reden zelfmoord verboden. Er zijn vele teksten uit de Qur’an en de Sunnah die dit duidelijk vaststellen. Het is dus verboden voor iemand om zijn organen aan een ander te geven.

d) Het is verboden voor een individu om schade aan zichzelf of aan anderen toe te brengen. De Boodschapper van Allah (Allah zegene hem en geve hem vrede) zei: “Het is verboden om schade aan jezelf of aan anderen toe te brengen.” (Mustadrak van al-Hakim)

Er is een bekend beginsel:“Schade kan niet weggenomen worden door middel van een vergelijkbare schade.” (Wat betekent dat om schade weg te nemen van een andere individu, het niet toegestaan zal zijn om schade aan jezelf toe te brengen.) (Ibn Nujaym, al-Ashbah p. 123)

Het zal daarom niet toegestaan zijn voor een levende persoon om een deel van zijn lichaam te doneren omdat het schadelijk is voor hem.e) Het beginsel van de Islamitische jurisprudentie is: “Wanneer bewijzen van een verbod in tegenstrijd zijn met de bewijzen van de toelaatbaarheid, wordt de voorkeur gegeven aan het verbod.” (Ibn Nujaym, al-Ashbah wa al-Naza’ir)

In het licht van het bovenstaande en andere bewijzen, is het volgens deze groep van geleerden verboden om organen te transplanteren, of het nou van een levende persoon is of van een dood lichaam, en of er een noodzaak voor is of niet. In andere woorden is er geen toestemming voor de transplantatie of het doneren van organen.

2) Het standpunt van toelaatbaarheid

Volgens bijna alle grote, Arabische geleerden en ook een aantal hedendaagse Indo-Pak geleerden, is de transplantatie en donatie van menselijke organen onderworpen aan enkele voorwaarden (die later zullen worden vermeld). Dit standpunt is gebaseerd op de volgende gronden:

a) De bekende beginselen (qawā‘id) van islamitische jurisprudentie gebaseerd op de leerstellingen van de Qur’an en de Sunnah, staan het gebruik van verboden zaken toe in gevallen van extreme behoefte en noodzakelijkheid. In geval van noodzaak, worden bepaalde verboden opgeheven, zoals wanneer het leven van een persoon bedreigd wordt, is het verbod van het eten van viezigheid en het drinken van wijn uitgesteld.

Allah de Meest Verhevene zegt: “Hij (Allah) heeft voor jullie slechts verboden het dode vlees, bloed, varkensvlees en dat waarover een andere naam dan die van Allah is uitgesproken. Maar wie ertoe gedwongen wordt, zonder dat hij het wenst, en niet overdrijft, dan is het voor hem geen zonde. Voorwaar, Allah is Meest Vergevingsgezind, Meest Barmhartig.” (Surat al-Baqara 2:173)

De Qur’an staat ook woorden van ongeloof (kufr) toe om jouw eigen  leven te redden. Allah de Meest Verhevene zegt:“Wie aan Allah ongelovig is na geloofd te hebben, behalve wie gedwongen is terwijl zijn hart in het geloof rust gevonden heeft.” (Surat al-Nahl 16:106)

Het grondbeginsel van fiqh, gebaseerd op de bovenstaande Qur’anische leerstellingen verklaart:“Noodzaak maakt het verbodene toegestaan.” (Zie: Ibn Nujaym, al-Ashbah wa al-Naza’ir p. 85)

Volgens Imam Shafi’i (moge Allah genadig met hem zijn) is het toegestaan voor een persoon die door honger aan het sterven is, om het vlees van een andere mens te consumeren. (Zie: Ibn Qudama al-Mughnī 9/335)Daarom worden er in gevallen van behoefte en noodzaak, onreine en verboden zaken toegestaan. Wanneer het leven van een persoon in gevaar is, en hij heeft ontzettende behoefte voor transplantatie, dan zal in een dergelijk geval de transplantatie van organen toegestaan zijn.

b) Met betrekking tot het aspect van menselijke heiligheid, zijn er twee punten die in acht dienen worden genomen.Allereerst is het waar dat een menselijk lichaam, dood of levend, geëerd en gerespecteerd wordt. Maar overtreedt de moderne procedure deze heiligheid? De Islam gebood ons om een mensenlichaam te eren maar schreef niet vastgestelde methoden daar voor. Het schenden van een mensenlichaam kan van tijd tot tijd veranderen van de ene plaats naar de andere.Het kan dus gezegd worden dat de huidige procedure van orgaantransplantatie niet beschouwd wordt als het onteren van een mensenlichaam. De chirurgie wordt verricht op een meest respectabele manier en kan niet beschouwd worden als oneerbiedig. Dat is de reden waarom enorme, gerespecteerde mensen van de gemeenschap het doneren van organen als een punt van verdienste zien, en er wordt hierop niet neergekeken.Ten tweede zijn er gevallen waarbij de Shari’a de heiligheid dat toegeschreven wordt aan het lichaam, door de vingers ziet, zoals in het geval van het redden van een andere mens.

Het is vermeld in Tuhfat al-Fuqahā:“Als een zwangere vrouw stierf, en het kind is nog steeds in leven in haar buik, dan zal haar buik opengesneden worden om het kind eruit te nemen, vanwege het redden van het leven van een mens, en dus zal de heiligheid van een mensenlichaam door de vingers worden gezien.” (Samarqandi, Tuhfat al-Fuqaha, 4/261 & Badai’i al-Sana’i).

Dit is ook gebaseerd op het juridisch beginsel:“Als iemand geconfronteerd wordt met twee kwaden, dan zou iemand het minst (kwade) van de twee moeten kiezen.” (Al-Ashbah wa al-Naza’ir)

c) Wat betreft voor de mens en het niet bezitten van zijn lichaam. De Islam staat een mens in bepaalde situaties toe om zijn lichaam te gebruiken. Het is vergelijkbaar met het rijkdom dat Allah de Almachtige heeft gegeven aan een mens, en hij is toegestaan om er gebruik van te maken (op een juiste manier) en het als een geschenk te gevenAls een individu aan het verdrinken is, of in het midden van een brandende vlam is, is het volledig toegestaan om naar hem toe te gaan en hem te redden. Op dezelfde manier zal het toegestaan zijn om jouw orgaan te doneren om het leven van een medemens te redden.

d) Bijna alle geleerden geven toestemming voor transfusie en donatie van bloed in gevallen van behoefte en noodzaak (zie beneden), waarom is er dan een verschil in het geval van orgaantransplantatie? De chirurgische procedure van transplantatie garandeert dat men niet onnodige verminking van het lichaam ondergaat. Het is vergelijkbaar met een chirurgische behandeling dat uitgevoerd wordt op een levende persoon voor medische doeleinden.Vanuit het perspectief van het bovenstaande (volgens deze groep geleerden), zal het toegestaan zijn om organen te doneren en te transplanteren om het leven van een andere persoon te redden. Dit blijft echter onderworpen aan bepaalde bepalingen en voorwaarden.

De internationale, islamitische fiqh academie (Majma’ al-Fiqh al-Islami) dat uit een aantal grote geleerden bestaat uit de hele wereld, hebben deze kwestie in februari 1988 onderzocht, en verstrekten de volgende oordelen na uitgebreid onderzoek:Let op dat de resoluties van de islamitische fiqh academie gepubliceerd zijn in het Arabisch en vertaald naar enkele talen. Hieronder volgt de oorspronkelijke Arabische tekst, en de vertaling ervan in het Nederlands.

Shari’a Regels

1) Het is toegestaan om een orgaan te transplanteren of in te planten van de ene plaats van het lichaam van een persoon naar de andere, zolang iemand zorgvuldig genoeg is om vast te stellen dat de voordelen van deze operatie, zwaarder wegen dan de enige schade die eruit voort kan komen, en onder de voorwaarde dat dit gedaan wordt om iets te vervangen dat verloren is gegaan, of om de verschijning of reguliere functie te herstellen, of om een gebrek of misvorming te corrigeren dat fysieke of psychologische zorg veroorzaakt.

2) Het is toegestaan om een orgaan te transplanteren uit het lichaam van de ene persoon naar de andere, als het orgaan zichzelf kan vernieuwen, zoals huid of bloed, met als voorwaarde dat de donor volwassen is en volledig begrijpt wat hij aan het doen is, en dat aan alle andere relevante Shari’a voorwaarden wordt voldaan.

3) Het is toegestaan om gebruik te maken van een deel van een orgaan dat verwijderd is uit het lichaam, vanwege ziekte om het voor een ander persoon ten goede laten komen, zoals het gebruiken van de hoornvlies van een oog die verwijderd werd vanwege een kwaal.

4) Het is verboden (harām) om een orgaan te transplanteren of te gebruiken waarop het leven afhankelijk is, zoals het nemen van een hart uit een levende persoon om het vervolgens te transplanteren naar een andere persoon.

5) Het is verboden (harām) om een orgaan uit een levende persoon weg te halen, waardoor er schade kan worden gebracht aan een onmisbare en vitale functie van zijn lichaam, alhoewel zijn leven zelf niet gevaar vormt, zoals het verwijderen van de hoornvlies van beide ogen. Het verwijderen van organen echter, dat alleen zal leiden tot gedeeltelijke schade, is een kwestie dat nog steeds onder het wetenschappelijk debat valt, zoals vermeldt in resolutie acht.

6) Het is toegestaan om een orgaan uit een dode persoon te transplanteren naar een levende persoon, wanneer zijn leven afhankelijk is van het ontvangen van dat orgaan, of wanneer vitale functies van zijn lichaam anders worden beschadigd, met de voorwaarde dat er toestemming is gegeven door de persoon voor zijn dood, of door zijn erfgenamen, of door de leider van de moslims in gevallen waarbij de identiteit van de dode persoon onbekend is of wanneer hij geen erfgenamen heeft.

7) Zorg moet worden ondernomen om te verzekeren dat in alle bovenstaande situaties waarbij transplantatie is toegestaan, niet het kopen of verkopen van organen plaatsvindt. Het is niet toegestaan om te handelen in menselijke organen onder welke omstandigheden dan ook. Als echter de vraag is of de begunstigde geld mag uitgeven om een orgaan te verkrijgen die hij nodig heeft, of om zijn waardering te laten zien, dan is dit een kwestie dat nog onderzocht wordt door de geleerden.

8) Iets anders dan de bovenstaande scenario’s valt nog steeds onder het wetenschappelijk debat, en heeft verdere gedetailleerde onderzoek nodig op het gebied van medisch onderzoek en de regels van de Shari’a. En Allah weet het beste: (Zie: Qararat wa tawsiyat majma’ al-fiqh al-Islami, p. 59-60).

De islamitische fiqh academie van India besprak deze kwestie ook, en één van hun leden die geaccepteerd is als een beroemde geleerde Shaykh Ubayd Allah al-As’adi (moge Allah hem behouden) stelde een zeer uitgebreid artikel samen. Hieronder volgen enkele samenvattende punten van sommige voorwaarden vermeldt in zijn artikel (die niet waren vermeld in de bovenstaande resoluties):

1) Er zou geen redelijk alternatief beschikbaar moeten zijn volgens de meningen van ervaren, medische experts.

2) Alle inspanningen zouden moeten worden verricht om de transplantatie van het orgaan van een niet-moslim naar een moslim te verkomen en andersom. Als dit niet mogelijk is, dan alleen mag het orgaan van een niet-moslim gebruikt worden.

3) Alleen de organen van een overleden persoon zouden gebruikt moeten worden. Als echter dit niet mogelijk is, dan alleen zal het toegestaan zijn om het orgaan van een levende persoon te gebruiken.Tot slot is het bovenstaande de twee standpunten die hedendaagse geleerden hebben met betrekking tot orgaantransplantatie en orgaandonatie. Het standpunt van enkele geleerden is echter dat zij onthouden van het verstrekken van welk oordeel dan ook over dit vraagstuk.

Mijn respectabele leraar, Shaykh Mufti Taqi Usmani is een van degenen die aarzelend zijn in het uiten van hun mening. In een werk dat ik van hem heb (en dat ik ook verbaal van hem heb gehoord) verklaart hij:“Na de samenstelling van dit boek “De regels van de Islam over orgaantransplantatie” (door zijn geachte vader, de grote Mufti van Pakistan, Mufti Muhammad Shafi, waarin hij sterk de nadruk legde op de ontoelaatbaarheid van orgaantransplantatie, dat ook bevestigd werd door Shaykh Taqi, m), las ik verschillende argumenten voor orgaantransplantatie, wat mij aarzelend en onzeker maakte over deze kwestie. Dus onthoud ik mij nu van het geven van welk oordeel dan ook.”

Daarom kan iemand elk van de twee bovenstaande standpunten volgen, aangezien zij beiden afkomstig zijn van grote geleerden van de Islam. Als iemand handelt op basis van de toelaatbaarheid ervan, dan is het raadzaam om als voorzorgsmaatregel vergiffenis te vragen aan Allah (istighfār) en iets te schenken aan liefdadigheid.

En Allah weet het beste.

Muhammad ibn Adam
Darul Iftaa
Leicester, GB 

You are here: